PDA

View Full Version : Echte vriendschap!



always112
06-03-2011, 04:17
Ze waren twee hechte vrienden. De ene was erg slim, spontaan en
actief. De andere was erg naief, rechtschapen en stil. Op een dag
gaat de slimme jongen naar zijn vriend, om te vertellen dat het
slecht gaat met zijn zaken, en wil geld van hem lenen. Zijn vriend
geeft hem al zijn geld. Met dit geld
maakte hij zijn zaken weer in orde.

Na een tijd gaat de slimme jongen weer naar zijn (inmiddels verloofde) vriend en zegt tegen hem dat hij zijn verloofde heel leuk
vind en wil zelf met haar trouwen. Zijn vriend is heel verbaasd, en
weet niet wat hij moet zeggen. Er was echter zo een sterke band
tussen de twee vrienden, dat hij gewoon geen nee kon zeggen, en
geeft zijn verloofde aan zijn vriend.Na een tijd gaat het slecht met
de zaken van de naieve jongen, en hij denkt gelijk aan zijn vriend
(met de gedachte: ik heb hem geholpen toen hij het moeilijk had).
Hij gaat naar het bedrijf van zijn vriend en vraagt om werk Zijn
vriend geeft hem geen werk.
De naieve jongen gaat met spijt en verdriet terug,
maar is nog steeds niet boos op zijn vriend. Op een dag komt er op
straat een zieke en oude man naar hem toe Hij zegt dat hij geen geld
heeft voor medicijnen. De jongen heeft medelijden en koopt
medicijnen voor de oude man. Na een korte tijd krijgt hij te horen
dat de oude man overleden is. De oude man blijkt erg rijk geweest te
zijn en schenkt zijn hele erfenis aan de naieve jongen. De jongen is
nu rijk en koopt een huis tegenover het bedrijf van zijn vriend. Op
een dag belt een bedelaarster aan bij de jongen. De oude vrouw zegt
dat ze honger heeft, en wilt eten. De jongen neemt haar zonder te
twijfelen naar binnen en geeft
haar te eten. Hij krijgt te horen dat de vrouw niemand heeft, en
vertelt dat hij zelf ook eenzaam is. Hij besluit om haar in zijn
huis te laten wonen, in ruil dat zij het huishouden doet en eten
voor hem maakt. De oude vrouw accepteert dit gelijk. Op een dag zegt
de vrouw tegen de naieve jongen dat hij een geschikte vrouw voor
zichzelf moet vinden om mee te trouwen. De jongen zegt: waar vind ik
zo een vrouw? Ik ken geen geschikte vrouw. De oude vrouw zegt dat
zij wel een geschikte vrouw kent en dat ze hem met haar wil laten
kennismaken Na de ontmoeting met de vrouw besluiten de twee te gaan trouwen en de
bruiloftsuitnodigingen worden gedrukt.
De jongen nodigt zijn vriend toch uit, ondanks dat hij gekwetst is.
De dag van de bruiloft breekt aan. De naieve man pakt de microfoon
omdat hij wat wil zeggen tegen de gasten. “Ik had ooit een vriend
waar ik veel van hield. Op een dag wilde hij geld van mij lenen
omdat het slecht ging met zijn zaken. Ik heb hem al mijn geld gegeven. Ik stond op het punt om te trouwen,maar hij vertelde dat hij mijn verloofde zo leuk vond en wilde zelf met haar trouwen. Met
veel verdriet heb ik haar toch aan hem gegeven, omdat wij goede
vrienden waren en ik hem niet wilde teleurstellen. Toen het slecht met MIJN zaken ging ik naar zijn bedrijf
en vroeg om werk. Hij gaf me geen werk. Ik was erg verdrietig, maar ik werd niet boos op hem, omdat we ECHTE vrienden waren.” Na de
toespraak kan de andere jongen er niet meer tegen. Hij pakt de
microfoon en begint te praten: “Ik had ook een vriend waar ik veel van hield Toen het slecht ging met mijn zaken vroeg ik geld aan hem, en hij gaf al zijn geld aan mij. Daarna vroeg ik hem om zijn
verloofde, en met veel verdriet gaf hij haar aan mij. De reden dat
ik zelf met haar wilde trouwen, was omdat ze niet geschikt was voor
mijn vriend (ze was prostituee). Omdat mijn vriend erg naief is en niet zou merken dat ze
prostituee was, heb ik er op deze manier voor gezorgt dat die twee niet met elkaar zouden trouwen.Toen het slecht met zijn zaken ging,
kwam hij naar mij toe en vroeg om werk. Omdat ik mijn vriend
(moreel) niet onder mijn leiding kon laten werken, heb ik hem geen
werk gegeven. De oude man die hij op een dag tegenkwam was mijn vader. Hij stond op het punt te sterven. IK heb hem naar mijn vriend
gestuurd en IK heb gezorgd dat hij die erfenis kreeg. De
bedelaarster die aan zijn deur kwam was mijn moeder. Ik had haar
gestuurd omdat ik wilde dat er goed voor mijn vriend gezorgd zou worden. Het meisje waarmee hij nu mee
gaat trouwen is mijn zusje.
Ik wilde zelf dat zij met hem zou trouwen omdat hij mijn vriend is…