29-03-2014

In naam van Allaah, de Meest Barmhartige, de Meest Genadevolle

Het verlies van een kleindochter...


Hier zit ik dan, zittend op een bankje langs de Schelde. De zon begint onder te gaan en mijn gedachten dwalen af naar wat er enkele dagen geleden is gebeurd, een donkere dag in mijn leven. Ik kan het mij nog zo goed herinneren, alsof het nog maar net gebeurd is, een paar seconden geleden. Een onverwacht telefoontje tijdens het werken dat me bruut heeft wakker geschud en me van dichtbij heeft geconfronteerd met de realiteit, de dood. Ik hoorde mijn lieve oom huilen aan de overkant, woorden waren op dat moment overbodig want het gehuil en het gesnik zeiden meer dan dat wat kan omschreven worden in letters. Ik wist niet zo goed meer wat ik deed, mijn collega’s keken mij verward aan. Ik hoorde ze mij nog vragen wat er gaande is, maar ik kon geen woord uitbrengen. Ik wilde maar één ding, zo snel mogelijk bij mijn lieve opa zijn. Toen ik aankwam bij oma en opa thuis zag ik enkele familieleden buiten staan die elkaar stevig vasthielden en huilden. Ik leek het niet te beseffen, ik wou het ook niet beseffen. Tot het moment ik mijn nichtje zag die mijn richting opliep en ik haar vroeg: ‘Wat is er?! Is hij dood?’, ze gaf mij één bevestigende knik waarmee mijn vraag was beantwoord. Ik wist niet wat ik voelde, mijn armen en benen leken verlamd te zijn, mijn lichaam trilde, ik wilde mijn hart uit mijn lichaam rukken. Het deed zo’n pijn, een soort pijn dat ik nog nooit in mijn leven heb gevoeld. Mijn oom die vervolgens naar me toe kwam en mij snikkend vastnam om mij te troosten, terwijl hij geen idee had dat er geen troost kon zijn voor dit soort pijn, niet voor mij noch voor zichzelf. Daar stonden we enkele minuten in elkaars armen, woorden konden we niet uiten, want elk woord dat uit de monden kwam, werd het gesnik alleen maar luiden en luider en het verdriet groter en groter.

Om de beurt gaven de familieleden mij een knuffel en fluisterden telkens in mijn oor dat ik niet moest huilen, maar op dat moment kon ik niet anders doen dan tranen te laten vallen, tranen uit pijn, verdriet, angst en gemis. Ik wist daarom ook niet welke houding ik moest aannemen toen mijn tante me vroeg of ik hem wilde zien. Zou ik het wel aankunnen om hem zo te zien? Hoe zou hij eruit zien? Ben ik daar wel sterk genoeg voor? Maar ik moest hem zien, ik moest wel. Hoe moeilijk het ook zou zijn, ik moest hem gewoon zien. Toen ik de trap opliep naar zijn kamer waar hij stierf, voelde mijn benen loodzwaar aan, alsof ze mij tegenwerkten. Mijn hart ging wild tekeer, zo wild dat anderen met het bloot oog konden zien hoe snel mijn hart sloeg. Ik ging de kamer binnen en zag hem liggen. Verstijfd stond ik naast zijn bed hem aan te staren, ik kon me niet bewegen. Het enige wat ik kon was huilen, huilen en nogmaals huilen. Hij zag er nog steeds liefdevol uit, zijn glimlach was adembenemend en hij straalde rust uit. Dit beeld had mij moeten verblijden, maar in werkelijkheid had ik nog meer verdriet. Ik wilde hem horen lachen, horen praten, hem knuffelen,… maar zijn ziel was reeds ontnomen waardoor dit onmogelijk was. En het meest pijnlijke was op dat moment dat ik zijn aanwezigheid voelde. Ik voelde hem rond mij heen, ik wist dat zijn ziel bij mij was en wellicht ook tegen me sprak, hij zag mij maar ik zag of hoorde hem niet. Ya Allaah! Wat was dat zo’n moeilijk moment! Toen het tijd was om afscheid te nemen gingen de familieleden rond zijn bed staan en één voor één namen we afscheid van mijn lieve opa. Ik drukte een paar zachte kusjes op zijn voorhoofd die inmiddels koud aanvoelde en wierp een laatste blik naar hem toe. Dit was de laatste keer dat ik hem zou zien. Er werd mij gezegd om rustig te blijven en niet te huilen, maar hoe kan ik niet huilen? Mijn lieve opa is er niet meer, mijn opa die met me lachte en grapjes maakte is er niet meer, mijn opa die mij de meest bijzondere verhalen vertelde van zijn jeugd is er niet meer, mijn opa die de rol van mijn vader heeft moeten overnemen omwille van bepaalde omstandigheden is er niet meer, mijn opa die me telkens zei om te sparen zodat we gauw samen naar Marokko zouden gaan is er niet meer… Niet wetende dat we inderdaad samen naar Marokko zullen reizen, alleen was het deze keer niet voor een leuke vakantie, maar was het om hem te begraven en aarde over hem heen te strooien…

Samen met mijn mama, ooms, tantes, neefje en nicht vertrok ik naar Marokko. Wij in de passagiersruimte, mijn lieve opa in een kist in de koelruimte. Wat een hartverscheurend moment was het toen we vanuit de luchthaven zagen hoe de kisten in het vliegtuig werden geladen. Het was een vermoeiende en emotionele reis, maar ik dank Allaah dat Hij mij deze kans heeft gegeven en mij heeft omringd met familieleden die op elkaars steun, troost en sterkte konden rekenen. Het was een onvergetelijke reis, een reis die veel verdriet, maar tegelijkertijd ook blijdschap en rust met zich teweeg heeft gebracht. Daar waar ik afscheid heb moeten nemen van mijn lieve opa, werden tal van familieleden na jaren elkaar niet gezien te hebben weer herenigd. Subhana Allaah, hoe een overledene de oorzaak kan zijn van zo’n hereniging blijft mij tot op dit moment nog steeds verbazen. Ik heb kennis mogen maken met familieleden die ik nog nooit eerder heb ontmoet, met mensen die de meest vriendelijke en troostende dingen tegen je zeiden en die je te hulp schoten zonder dat je het maar vroeg. Wij waren één grote familie die samen het verlies van mijn opa verwerkten, we hebben onze kracht samengebundeld door te bidden, veel dua te doen en er gewoon te zijn voor elkaar, ook tijdens stille momenten wanneer er geen woorden meer waren om gezegd te worden. Alhamdulillaah, wat een gunst van Allaah. Het is door Allaah, en enkel en alleen door Hem, dat ik na het djanazah-gebed en de begrafenis in staat was om opa’s graf te bezoeken en mij daarbij sterk te houden en niet te huilen. Toen ik voor zijn graf stond wilde ik mijn tijd slechts vullen door dua te verrichten voor hem, immers werd hij op dat moment bevraagd naar zijn daden en kon ik hem slechts helpen door dua te verrichten opdat hij de genade van Allaah zou verkrijgen, insha Allaah. Ik smeekte daarom Allaah om hem genadig te zijn, hem te vergeven, zijn ondervraging te vergemakkelijken, zijn graf te verruimen, hem te beschermen van de bestraffingen van het graf en hem tot de bewoners van het paradijs te maken. Ik wierp nog een laatste blik naar de aarde die hem heeft omarmd en fluisterde: ‘Asselaamu a’alaykum lieve opa inoe’, waarna ik me omdraaide en hem achterliet, daar alleen in de donkerte, in het ongeziene, daar waar we allen zullen terechtkomen. Elke ziel zal de dood proeven, en dat is de realiteit. Van Allaah komen wij en tot Hem is onze enige en laatste terugkeer. Mijn opa was een liefdevolle echtgenoot, een zorgzame vader, had tientallen kleinkinderen, enkele achterkleinkinderen en was geliefd door vele mensen waardoor de opkomst van de mensen voor het djanazah-gebed zowel hier in België als in Marokko massaal was. Mijn lieve opa is er niet meer, maar zijn kinderen en kleinkinderen zullen ervoor zorgen dat hij altijd zal voortleven in de harten en gedachten middels de mooie herinneringen die hij ons heeft achterlaten. “Ik hou van je mijn lieve opa, insha Allaah treffen we elkaar weer in het paradijs… Liefs, je kleindochter, Qalamiste.”


Qalamiste

Link: http://qalamiste.wordpress.com/