Aan Soeleiman onderwierp Allah de winden. Zij bliezen op zijn bevel en droegen hem van plaats naar plaats, zodat hij snel op zijn bestemming kwam. Allaah onderwierp aan hem ook de sterke en slimme djinns, en de opstandige satans. Ze gehoorzaamden aan zijn bevel, en voerden zijn bouwplannen uit.

En Wij maakten de wind aan Soeleiman onderdanig, de stormwind, die op zijn bevel spoedde naar het land, dat Wij gezegend hebben. En Wij bezitten kennis van alle dingen. En sommige satans doken voor hem (naar parels), en deden andere arbeid. En Wij waren het, die over hen waakten. (21:81-82)

En aan Soeleiman onderwierpen Wij de wind; de ochtendroute was een maand reizen en de avondroute was een maand reizen. En Wij deden een stroom van koper voor hem vloeien. En er waren djinns, die op het bevel van zijn Heer voor hem werkten. Maar wie van hen afweek van Ons bevel, die deden Wij de straf van het brandende vuur ondergaan. Ze maakten voor hem wat hij maar wilde: paleizen en standbeelden, waterreservoirs en grote pannen. ‘Doe jullie werk, volk van Dawoed, in dankbaarheid.’ Maar slechts weinigen van Mijn dienaren zijn dankbaar. (34:13)

Scherp verstand en diep inzicht
Soeleimans intelligentie en zijn rechtvaardige oordeel werden in een zaak bewezen, die voor zijn edele vader werd voorgelegd. Er was een wijngaard vol met wijnstokken, die beladen waren met druiven. Een paar schapen, die van iemand anders waren, kwamen in de wijngaard en maakten haar kapot. Dawoed oordeelde, dat de schapen aan de eigenaar van de wijnstokken gegeven moesten worden, bij wijze van vergoeding. Soeleiman zei: ‘Dat is niet het meest rechtvaardige oordeel , profeet van Allaah.’ Dawoed vroeg: ‘Hoe moet het dan luiden?’ Soeleiman zei: ‘Geef de wijnstokken aan de eigenaar van de schapen, en laat hem ze terugbrengen in hun vroegere staat. Geef de schapen aan de eigenaar van de wijnstokken, zodat hij daarvan kan profiteren, totdat zijn wijnstokken weer in een goede toestand hersteld zijn. Dan zullen de wijnstokken teruggegeven worden aan de eigenaar, en de schapen zullen teruggegeven worden aan de eigenaar.’

Allaah gaf hem een scherp verstand en een diep inzicht. Allaah zei:
En toen Dawoed en Soeleiman rechtspraken over het veld, waar de schapen van de mensen ‘s nachts graasden; toen waren Wij getuige van hun oordeel. Wij schonken Soeleiman begrip van de zaak, en aan allebei schonken Wij wijsheid en kennis. (21:78 )

Soeleiman kent de taal van de vogels en de dieren
De Qor’aan vertelt een prachtig verhaal, dat Soeleimans wijsheid illustreert, in zijn beheer van het koninkrijk en zijn ontzagwekkende macht.

Het laat zien hoe Allaah het geluk van deze wereld en het hiernamaals voor hem bij elkaar bracht. Soeleimans koninkrijk versterkte zijn werk als profeet en boodschapper van de ware godsdienst.

het verhaal van sheba


De hop was Soeleimans gids en zijn ogen om waterplaatsen voor hem te vinden, en kampeerterreinen voor de legers. Op een keer kon Soeleiman de vogel niet vinden, en dit ergerde hem. De hop bleef nogal lang weg, voor hij terugkwam met het nieuws voor Soeleiman: ‘Ik heb iets gezien, wat noch u of uw legers weten. Ik heb ware informatie over het koninkrijk van Sheba. Het is een enorm en uitgestrekt land. Maar ondanks de intelligentie en de vaardigheden van de mensen, en hun goede leiderschap, zag ik dat ze onwetend en dwaas zijn. Ze buigen voor de zon in plaats van voor Allah. Ze hebben geen begrip en zullen niet geleid worden naar de aanbidding van Allah alleen.’

Soeleimans uitnodiging aan de koningin van Sheba
Het deed de profeet van Allaah verdriet om van zo’n koninkrijk te horen, met een volk dat hij niet kende. Zijn oproep tot de ware godsdienst had deze mensen niet bereikt, en daarom aanbaden ze nog steeds de zon. De ijver van het profeetschap bewoog hem om te schrijven naar deze afgodvererende koningin. Hij nodigde haar tot de islam en overgave uit, voor hij met zijn machtige legers naar haar land zou optrekken om het te veroveren. Hij schreef haar een mooie brief, waarin hij haar zei, in de islam te treden, en zich aan hem te onderwerpen. De brief, die vriendelijk maar beslist was, uitte zowel profetische nederigheid als koninklijke waardigheid.

De koningin raadpleegt de leiders van haar rijk
De koningin van Sheba was intelligent en nam geen lichtvaardig besluit. Ze had grote ervaring met het optreden van koningin en met de geschiedenis van veroveraars. Maar haar intellect had haar misleid, want ze kon Allaah niet herkennen of Hem te aanbidden. Ze vertelde haar meest intelligente raadgevers dat ze een brief ontvangen had, die anders was dan alle andere brieven. Het was van de grootste koning van die tijd, die een profeet was, en die de mensen tot Allaah uitnodigde. Ze vroeg om hun advies.

De leiders uit haar koninkrijk begonnen te snoeven over hun kracht en de grootte van hun legers. Dat is wat de raadgevers van koningen en heersers altijd doen, in elke tijd en plaats. De koningin was het daar niet mee eens. Daarom lieten ze de beslissing aan haar. Ze waarschuwde hen voor een slechte afloop. Ze herinnerde hen eraan, hoe zegevierende koningen de landen plunderen, die ze veroverd hadden, en soms zelfs de edelste mensen vernederen. Ze zei tegen hen: ‘Ik zal hem een aantal schitterende geschenken sturen, om hem op de proef te stellen. Als hij de geschenken aanneemt, dan is het een koning en zullen we tegen hem vechten. Maar als hij ze niet aanneemt, dan is hij een profeet, en zullen we hem volgen.’

Een geschenk als inzet
Ze stuurde een afvaardiging met zeer waardevolle geschenken, zoals het een koning past. Toen de geschenken Soeleiman bereikten, weigerde hij ze aan te nemen. Hij zei: ‘Probeer je rijkdom te gebruiken om bij mij af te dingen, zodat ik jou je koninkrijk laat houden, en je mensen in afgodenverering? Het koninkrijk, het bezit en de legers die Allaah mij gegeven heeft, zijn beter dan die van jou. Dit is een ernstige zaak, een serieuze uitnodiging en oprechte uitnodiging tot de ware godsdienst. Het is een zaak van bevel en overgave, niet iets om mee te sollen.’
Hij stuurde de afvaardiging terug en zei, dat hij tegen hun koninkrijk op zou trekken.

De koningin komt in overgave
De afvaardiging kwam in het koninkrijk van Sheba terug en gaf de koningin Soeleimans boodschap door. Zij en haar mensen besloten, dat ze zouden gehoorzamen. In overgave reisde ze met haar legers uit, om Soeleiman te ontmoeten.

Toen Soeleiman van haar beslissing hoorde, werd hij blij en prees Allaah. Hij wilde haar een teken sturen, om de macht van Allah te laten zien en Zijn gunsten aan Soeleiman. Hij besloot om haar haar eigen troon aan te bieden, die bewaakt werd door haar sterke, betrouwbare bewakers. Hij vroeg zijn raad om haar troon te halen, voor de grote hofstoet van de koningin arriveerde.

De troon werd op wonderbaarlijke wijze, in de kortst mogelijke tijd bij hem gebracht. Toen gebood Soeleiman, dat een paar fijne details van de troon veranderd moesten worden, zodat hij kon testen, of de koningin dat zou opmerken, als ze haar troon zag. Als ze het niet opmerkte, zou dat bewijzen dat ze kortzichtig was in nog fijnere dingen, die nog moeilijker te vatten zijn.

Een groot paviljoen van glas
Soeleiman gaf opdracht aan zijn arbeiders, zowel mensen als djinn, om een groot paviljoen te bouwen, met een vloer van glas, waaronder water zou stromen. Iemand die de ware toedracht niet kende, zou zeker denken, dat ze in het water liepen. De koningin zou beslist denken, dat het water was, en haar rok boven het water tillen, tot ze haar vergissing zou inzien. Dan zou ze merken, dat ze kortzichtig was en misleid door uiterlijk vertoon. Zij en haar mensen bogen voor de zon, omdat het de helderste bron van licht en leven was, wat twee van Allaahs eigenschappen zijn. Ze zou de waarheid inzien, als ze zou beseffen, dat het net zo’n vergissing was om te denken dat het glas water was, waarvoor ze haar rok optilde, als om de zon als haar Schepper te behandelen, voor wie ze boog en die ze aanbad.

De koningin geeft zich met Soeleiman over aan Allaah, de Heer der werelden
Dit alles gebeurde inderdaad. De koningin beging deze dwaze vergissing, ondanks haar intelligentie. Ze dacht dat het glas vloeiend, glinsterend water was. Ze tilde de zoom van haar rok op, boven wat zij dacht dat water was.
Toen wees Soeleiman, de profeet van Allah, haar op haar vergissing. Hij zei: ‘Het is een paviljoen, geplaveid met kristal.’ Ze zag de waarheid in, en ze begreep haar onwetendheid, dat ze kritiekloos op een uiterlijke verschijning was afgegaan, door de zon te aanbidden en ervoor te buigen. Ze was vlug in haar uitroep: ‘Mijn Heer, ik heb mijzelf onrecht aangedaan! Ik geef mij met Soeleiman over aan Allaah, de Heer van alles dat bestaat.’